artikelen

EIA: Peakoil has arrived

Vrijwel iedereen heeft het gemist, maar piekolie is onlangs indirect bevestigd door de EIA (US Energy Information Administration). In haar jaarlijkse rapport over de toekomst van de Amerikaanse energieconsumptie en -productie zijn de prognoses voor de komende jaren dramatisch naar beneden bijgesteld.

Steven Kopits van Douglas-Westwood interpreteert de statistieken in een post op EconBrowser en komt met een verrassend verhaal:

Tot 2007 schetste de EIA een rooskleurige toekomst met een aanvoer van olie die almaar groeide met de vraag. In 2030 zouden duizelingwekkende 118 mbpd (million barrels per day) te bereiken zijn. Maar in de loop van de laatste drie jaar is dit optimisme geslonken. Met elke volgende prognose werd het minder. De laatste drie jaar is de prognose voor 2030 verlaagd met liefst 14 mbpd. Een hoeveelheid olie die overeenkomt met de gezamenlijke olieproductie van Saudi Arabië en China!

Hierbij is het een terechte vraag hoeveel waarde we aan dit soort vergezichten kunnen hechten. Er zijn veel onzekerheden. Écht interessant wordt het als we naar de korte termijn kijken, de voorspellingen zijn dan namelijk een stuk betrouwbaarder.

Welnu, voor de rest van dit decennium voorspelt de EIA geen enkel jaar waarin de olieproductie met meer dan ook maar 1% groeit! De gemiddelde groei is 0.6% per jaar van 2011 tot 2020. De productie kruipt nog wel van 86 mbpd naar ongeveer 92 mbpd in 2020, maar dat kun je nauwelijks meer groei noemen. In feite komt dit overeen met de globale productiecapaciteit waarop we momenteel zitten.
Anders gesteld: De EIA verwacht dat de olieproductie de komende tien jaar nog maar amper zal stijgen. Gecombineerd met de snel stijgende vraag naar olie is maar één conclusie mogelijk: Peakoil has arrived.

Lees meer: http://www.businessinsider.com/everyone-missed-it-but-the-eia-just-totally-confirmed-peak-oil-2010-6#ixzz0qCWvm2qPLees meer: http://www.businessinsider.com/eia-annual-energy-outlook-2010-5#ixzz0qCXIhQYh

 

Dit artikel is juni 2010 gepubliceert op sargasso.nl

Carbon Capture and Storage: Aber wohin mit dem CO2

Alhoewel ik tegen kolencentrales ben, blijf ik de discussie rond CCS volgen. China bouwt elke week een nieuwe kolencentrale. En bij ons hier zijn de machtsverhoudingen helaas ook niet zo dat het monopolie van de energiebedrijven binnen afzienbare tijd gebroken zal worden. Ik dacht dus: Als ze de CO2 opslaan, dan is er tenminste weer tijd gewonnen. En hey, het klinkt simpel: CO2 in lege aardgasbel pompen en klaar.

Maar in de laatste uitgave van Solarzeitalter, een toonaangevende publicatie van het Duitse Eurosolar (de club van Herman Scheer), las ik een artikel van prof. Ulf Bossel, te downloaden bij het gerenommerde Leibniz-Institut.
Hij beschrijft heel gedetailleerd wat de problemen rond CCS zijn. In de discussie rond CCS lijkt men wel te vergeten om welke gigantische hoeveelheden CO2 het gaat. Bij de verbranding van een ton koolstof ontstaat 2,67 ton CO2. Zo'n gasbel zou al binnen korte tijd helemaal vol zijn. Bekende en veelgeciteerde onderaardse zoutkavernes en bestaande installaties voor drukluchtopslag zouden met de CO2 van een enkele doorsnee kolencentrale al binnen enkele dagen (!) vol zijn.
Allerlei andere technieken worden ook uitgebreid beschreven in zijn stuk, van opslag van vloeibare CO2 in diepe lagen van de oceanen tot oplossen van CO2 in het grondwater. Maar er is nog geen techniek die binnenkort realiseerbaar is en, niet onbelangrijk, garandeert dat de CO2 nooit meer vrijkomt.

Een ander groot bezwaar tegen CCS is dat er ontzettend veel energie nodig is om de CO2 af te scheiden en op te slaan. Voor elke 3 kolencentrales zou er een extra centrale bij moeten om de benodigde energie te produceren.

Als wetenschapper gaat Bossel natuurlijk verder geen commentaar geven.
Ik wel:
CCS is een schijnoplossing waarmee de energieconcerns ons om de tuin leiden. Door ons voor te spiegelen dat er binnenkort schone kolencentrales zullen komen krijgen zij (bijvoorbeeld in Nederland) toestemming om nieuwe centrales te bouwen. De ouderwetse fossiele energiereuzen gaat het om het behouden van hun macht, CCS is een strategie om langer door te kunnen gaan met vervuilen. Bijzonder kwalijk is hierbij dat we door deze hopeloze discussie tijd verliezen in de strijd tegen de klimaatverandering.

Echt duurzame energie komt uit zon en wind. Decentrale kleinschalige opwekking van solare- en windenergie heeft de toekomst.

uitgebreid interview met Markus

What a way to go

Ik dacht dat ik niet meer zo snel ondersteboven zou raken door een documentaire.

Maar zondagavond zag ik 'What a way to go' van Timothy S. Bennett.

Een lange zware trip.

Na een snel gemonteerde samenvatting van de clusterf*ck rond klimaatverandering en piekolie voegt Bennett ook nog 'overbevolking' aan de shitstorm toe. Vele wetenschappers, maar ook kunstenaars en gewone mensen komen aan het woord. Met zijn haast monotone, hypnotiserende stem leidt Bennett mij door de documentaire en naar de conclusie dat er uiteindelijk geen uitweg is: We zijn onherroepelijk bezig om onszelf te vernietigen, en snel ook.

Maar Bennett probeert ook te achterhalen hoe het zo ver heeft kunnen komen. Terug naar de oorprong van de menselijke civilisatie: Het ging al mis bij de eerste beginselen van de landbouw. Toen ontstonden de eerste onnatuurlijke machtsverhoudingen tussen mensen.

De film bevat ook een hoofdstuk waarin de filosofische vragen aan de orde komen. Over onze volledige vervreemding van de natuur en hoe deze heeft geleid tot een vlucht in consumentisme. En over het feit dat we allemaal onbewust een hekel hebben aan ons kunstmatige leven en we daarom deze wereld willen vernietigen.

In deze film geen hoopgevend geneuzel over een graasrootsbeweging of technofixes. Niet eens een oproep in de trand van 'Kom op nou, met z'n allen aan de slag en de wereld redden'.

Ik heb vervolgens ook nog Tim's blog gelezen. In zijn laatste, lange, lange post van een jaar of wat geleden beschrijft hij waarom hij niet meer verder kan en waarom hij stopt met schrijven, filmen, internet. En toen werd het stil.

Jep. En dan nu mijn kinderen vertellen dat ze zich geen zorgen hoeven te maken?

Mijn hart breekt.

Mijn zoon Timo (9) vroeg gisterenavond wat er met me aan de hand was. Toen heb ik maar gezegd dat ik me zorgen maak om de tonijn. Het was in het nieuws dat die aan het uitsterven is, en dat de vissers niet echt willen stoppen met de jacht.

Dat vond hij stom.

 

(Markus, 17/11/2009)

 

Ik haat kunstgras

Ik haat kunstgras

Wat heeft iedereen toch met kunstgras? Het lijkt steeds normaler te worden. Elke voetbalclub heeft er recht op en ook in privétuinen schijnt kunstgras in de mode te zijn. Uit de brochure van Joosten kunststoffen: 'Het is een blijvend alternatief voor natuurgras en is leverbaar in vele kwaliteiten. Anno 2009 heeft iedereen een zeer druk leven en dan is kunstgras met zijn geringe onderhoud en mooi resultaat de ideale uitkomst.'

Jajaja, je kunt er ook na 3 weken non stop regen nog prima op voetballen.

 

Maar mensen, word eens wakker, wat zijn we aan het doen? Het is toch bizar dat we het normaal zijn gaan vinden om vele vierkante-kilometers natuur kapot te maken en met plastic te bedekken. De productie van het kunstgras (ongetwijfeld ook een aardolieproduct) is slecht voor het milieu en ik wil niet eens wéten hoeveel CO2 erbij komt kijken. En vergeet niet de bergen afval die het spul uiteindelijk oplevert.

Waarvoor?

 

We ontnemen onze kinderen ook nog een van de laatste mogelijkheden om direct in contact te komen met onze aarde, zij het ook in de bescheiden vorm van een grasveldje. Ja, ook gras is natuur, er zitten wormpjes onder, en vele andere (microscopisch kleine) organismen. Als het te nat is ontstaan er plassen en modderplekken en kun je bepaalde stukken misschien niet gebruiken. Je moet goed zorgen voor een natuurlijke grasmat, het kost tijd en aandacht. Maar zo leren kinderen toch ook dat natuur iets kostbaars is!

Hoe werkt dat schoonmaken van een kunstgras-voetbalveld eigenlijk? Met een soort mega-stofzuiger?

Nog een bewering van het gezaghebbende instituut MarkusSchmid.nl: Natuurgras draagt ook bij aan een vermindering van CO2 in de atmosfeer en absorbeert warmte en fijn stof.

 

Wanneer zijn je kinderen voor het laatst met een vieze broek thuis gekomen? Wie kent ze nog, de groen-bruine strepen op je knieen die je kreeg na een sliding op een grasveldje. In plaats daarvan komen er nu zwarte rubberen korrels uit de voetbalsokken van mijn kinderen, opvulmateriaal om de kunstgrasmat elastisch te maken. Wel zo makkelijk. Hoppa, met de stofzuiger erover heen en klaar.

 

Voor mij valt de kunstgrasmat in dezelfde categorie gedachteloze gemakzuchtige waanzin als terrasverwarming en openlucht Jacuzzi's. Weg ermee!

 

 

 

 

Leuke clip uit Duitsland

Wie betaald de rekening voor de gevolgen van de klimaatverandering?

 

Transitie Handboek

Ik ben er inmiddels overheen, het gaat weer.

Aan het begin van deze zomer heb ik het Transitie Handboek van Rob Hopkins gelezen. Het boek gaat over klimaatverandering en piek-olie, en over hoe we ons moeten voorbereiden op een leven zonder olie. Rob Hopkins (de man in de clip hiernaast) ontwikkeld vervolgens een positieve visie waarin mensen weer bij elkaar komen om aan de veerkracht van hun stad te werken.

 

Ik had me tot dat moment onvoldoende verdiept in de problematiek van piek-olie. Zegmaar: niet. Het was gewoon nooit in me opgekomen dat de olie binnenkort op zou kunnen raken. Over klimaatverandering wordt inmiddels veel gesproken: CO2 uitstoot reduceren en schone energie produceren, en klaar is Kees. Altijd in de veronderstelling dat we kunnen doorleven zoals we gewend zijn.

 

Maar het kan niet. We verbruiken zo immens veel olie elke dag, voor zoveel verschillende producten, en olie is zo'n ongelooflijk krachtige brandstof. Daar is geen volledige vervanging voor te bedenken, niet met windparken en zonnepanelen en ook niet met biobrandstoffen, never nooit, zoveel is duidelijk. There's no way out: De olie zal binnen tien of twintig jaar schaars worden, de economieën zullen krimpen, er zal gevochten worden om de laatste oliereserves. En zonder olie is de globalisering snel voorbij. Geen kleren uit Chine meer, geen parmaham uit Italië. We moeten weer zelf aardappelen aanplanten, want de supermarkten zullen niet meer bevoorraad kunnen worden. En we moeten nadenken over hoe we zonder gas de winter door komen. Dag vliegreizen, we gaan per paardekoets terug naar het jaar 1850.

 

Ik liep een paar weken in shock rond. Overal om me heen zag ik ineens wat er straks allemaal niet meer kan. Héftig!

Maar nu gaat het weer.

En ik ben blij dat Hopkins een mooi plan bedacht heeft. Transition Town heet dat plan, en de uitwerking ervan lees je in deel 2 en 3 van het boek. Zo heb ik tenminste iets positiefs om op te focussen. Maar ik realiseer me dat het ook een manier is om alle doemscenario's een beetje te kunnen verdringen. Want laten we eerlijk wezen: Als ik hier in Diemen met een paar mensen aan een moestuin begin, helpt dat dan om de menselijke civilisatie te redden? We zullen zien.

 

07-09-09

Op de clip hiernaast verteld Rob Hopkins over het boek.

Het boek is te bestellen bij de Omslag.

 

ludieke actie in Diemen

ludieke actie in Diemen

Afgelopen donderdag hebben we actie gevoerd in Diemen!
Een tiental leden van het Diemer klimaatnetwerk waren met kinderen en een aantal zelfgeknutselde objecten naar het gemeentehuis getogen. Nadat we daar onze route naar energieneutraal hadden opgebouwd kwamen de raadsleden, de burgemeester en de wethouders een voor een binnendruppelen. Langs onze imposante windturbine, huis-met-zonnepanelen, de grappige elektrische auto en nog wat van dit soort kartonnen kunst liepen zij naar de raadszaal. Er werd ondertussen natuurlijk volop commentaar gegeven. De raadsleden werden ook gevraagd om alvast 'Dag' te zeggen tegen olie, kolen en kerncentrales.
Publicitair was de actie ook een success, RTV Diemen had een cameravrouw gestuurd die tussendoor een paar interviews afnam, en het Diemer Nieuws stond er met een fotograaf. We zullen zien wat er woensdag in de krant staat!


Over de raadsvergasdering zelf nog het volgende: Het plan Amstel en Meerlanden Energieneutraal 2040 (AM-EN2040) is zonder enig verzet door de Diemense gemeenteraad aangenomen. De komende maanden zullen we zien hoe het plan concreet aangepakt wordt.


29/06/09

Evert heeft een reeks foto's op Flickr gezet, click hier.
Rita heeft ook nog gefilmt - dus als het goed is komt er over een tijdje ook nog een clip.

Bedankt iedereen voor de ondersteuning!

 

de scene verkennen

de scene verkennen

20 jaar lang ging ik bijna uitsluitend met mijn gitaar op pad. Maar sinds een dik jaar ga ik op mijn vrije avonden naar allerlei bijeenkomsten rond duurzaamheid om deze, voor mij nieuwe scene te verkennen.

Gisterenavond dus naar een bijeenkomst van Mijn CO2-spoor, een club in A'dam Noord die actief is tegen klimaatveranderinng. In het schattige, kleine, houten buurthuisje in het zomers groene Schellingwoude waande ik me even helemaal in een Transition Town: Skill up for powerdown, PeakOil lang achter de rug, lekker bezig om met z'n allen de transitie in de praktijk te brengen. Er was iemand met een kraampje met tarwegras, kiemen en gezonde groene drankjes en een vrolijke vrouw die vegetarische schoenen promote. Ja, echte idealisten onder elkaar.

 

Voor de aanwezigen was een informatief programma samengesteld, waarvan zeker de toelichting van Rob Bos (van bouwmarkt Eco-logisch) op woningisolatie en zijn verhalen over het ontstaan van zijn groene bouwmarkt de moeite waard waren. Maar de avond was ook bedoeld als start van het Groene Buren Net. Het GBN is een initiatief om buren met elkaar in contact te brengen rond duurzaamheid.

 

Alles goed zover. Maar iedereen in de zaal (of was het weer mijn kronkelende perceptie?) was ergens een klein beetje in de war. En uit het niets ging het er ineens over: Hoe kon het toch dat de opkomst zo laag was. Van de ca. 15 - 20 aanwezigen was bijna de helft organisatoren en sprekers. Hilarisch was de aanwezigheid van een ouder stel dat strijdlustig binnenkwam omdat het dacht dat het weer zo'n avond was om de buurt te verknoeien met grootse plannen van een projectontwikkelaar. 

800 flyers door half A'dam Noord en diverse mailings konden niet meer volk bewegen om te komen. Ehem, we hebben het tijdens deze bijeenkomst toch over de grootste uitdaging van deze tijd? We moesten toch onze mooie planeet redden?

 

Je kan dan nog bedenken dat het een drukke tijd is - zo vlak voor de zomervakantie, en dat de uitstraling en presentatie van de organisatie misschien niet in de tijdgeest past. Maar wat dan wél? Rob Bos beweerde dat de tijd gewoon nog niet rijp is, en daar zit natuurlijk wel wat in. Nou ben ik alleen bang dat tegen de tijd dat de tijd rip is er geen tijd meer is. Enigzins verward zat ik een half uur later in lijn 9 richting Diemen.

Zijn we nou een voorhoede die de weg kwijt is een geen aansluiting meer heeft met het peloton?

Vreemd. Dat soort gevoelens heb ik als muzikant ook regelmatig.

 

12/06/09

Wind en het Nederlandse onderbewustzijn (19/2/09)

Molens in Schiedam
Molens in Schiedam

Ik hoor het de laatste tijd vaak: Nederland loopt achter als het gaat om opwekking van windenergie. Nog geen 3% van de Nederlandse energie wordt met windkracht geproduceerd. In vergelijking met koploper Denemarken (20%) slaat Nederland een bedroevend figuur. Van alle duurzame energie die in Nederland wordt opgewekt komt het leeuwenaandeel (30%) van windturbines, dat dan weer wel. En dat percentage groeit momenteel hard. Als straks de nieuwe offshore windparken in bedrijf zijn zal het plaatje er wel weer wat beter eruitzien.

Over percentages en proporties gesproken: Er wordt disproportioneel veel over windenergie gepraat. Iedereen lijkt er wel een mening over te hebben. De kenner praat liefdevol over Lagerweytjes en het zelfleveringsmodel, de vogelaar over de impact van offshore windmolenparks op de vogeltrek. Progressieve stedelingen willen hippe kleine molens op hun dak ook al leveren deze nauwelijks stroom; natuurliefhebbers klagen over horizonvervuiling, bewoners over geluidsoverlast en slagschaduw.
Ik hoor verhoudingsgewijs  veel minder over zonnepanelen, waterkrachtcentrales, warmtepompen, warmtekrachtkoppeling of vergistingsinstallaties.

Waar komt die opvallende belangstelling voor windenergie in Nederland vandaan?
Er zijn rationele verklaringen. Om te beginnen spreekt zo’n mooie slanke, haast koninklijke windturbine de doorsnee burger toch wat meer aan dan een koemest-vergistingsinstallatie. En de werkwijze van een windmolen snapt elk kind, je hoeft maar aan een fietsdynamo te denken om het principe te begrijpen. De 1850 windturbines die Nederland momenteel telt zijn ook opvallend aanwezig in het landschapsbeeld. Je kunt het mooi vinden of niet, je ziet ze overal.

Maar naar mijn idee speelt er nog meer: Wind, zeilen en molens hebben al sinds honderden jaren een vaste plek in het hart van de Nederlandse cultuur.
Het begint met de zeilvaart. In 1600 bezaten de Nederlanders zo'n 10.000 schepen; zij beheersten alle zeeën en oceanen. Rond 1670 beschikte de Republiek over circa 15.000 schepen, vijf maal meer dan Engeland. En tijdens het hoogtepunt van de Gouden Eeuw, toppunt van Nederlands glorie, bestond de vloot uit 20.000 schepen.
Gaandeweg nam het gebruik van windenergie ook op land een grote vlucht. In 1800 stonden er ruim 10 000 windmolens in het Nederlandse landschap! Burgers klaagden trouwens toen ook al over horizonvervuiling, waarvan deze regels uit de 17e eeuw getuigen: ‘Een molen is een zeldzaam ding, in polders past hij zonderling. Maar tot sieraad voor praal of pracht, zo werd hij niet met al geacht.’
De windmolens leverden rond 1800 ongeveer 90% van de energiebehoefte van de toenmalige bedrijven. Met de droogmakerijen werden polders drooggelegd en kreeg Nederland zijn huidige aanzien.
Tot de dag van vandaag is de windmolen hét symbool van Nederland. En dat terwijl molens ook in vele andere landen, zoals Spanje en Portugal, volop in gebruik waren. De traditioneel Nederlandse windmolen à la Kinderdijk is trouwens ook nog eens een importproduct want komt oorspronkelijk uit Vlaanderen. Maar toch: Het eerste waar een buitenlandse toerist aan denkt als hij naar Nederland komt? Zo snel mogelijk op de foto met een windmolen op de achtergrond!

Omgaan met windkracht is diep geworteld in het collectieve Nederlandse onderbewustzijn. Je ziet het ook terug in de vele woorden en gezegden die voortkomen uit de dagelijkse omgang met wind, zeilen en molens.
Uit onderzoek blijkt dat bijna 90% van de Nederlandse bevolking positief staat tegenover windenergie in het algemeen.
De vraag is nu natuurlijk wat we hieraan hebben. Het immense draagvlak voor windenergie ligt helaas te slapen. De glorieuze Nederlandse traditie om windenergie te gebruiken wordt momenteel hoofdzakelijk voortgezet door een paar Delftse studenten. De regering bouwt kolencentrales. Een aantal mensen probeert met veel inzet windcoöperaties van de grond te krijgen, andere groepen houden dit juist weer tegen. En de rest van  de Nederlanders zit op de bank en laat af en toe een windje.